Ventileren is net als ademhalen. Als je het niet 24 uur per dag doet, kun je last krijgen van benauwdheid, hoofdpijn of zelfs astma. Want zodra je stopt met ventileren, is de frisse lucht binnen een half uur verdwenen. Laat dus altijd voldoende ramen en ventilatieroosters open. Goed ventileren is 24 uur per dag ventileren.’ Dat zegt het TV-spotje van VROM.
Dat lijkt heel eenvoudig, maar zo gemakkelijk is dat niet. Vroeger was het ventileren van woningen geen probleem. Er waren immers genoeg spleten en kieren die voor ventilatie zorgden. Maar tegenwoordig worden woningen van top tot teen geïsoleerd om het binnen comfortabel te maken. We maken alles goed dicht zodat er geen energie verloren gaat. Hierdoor kan er geen warmte meer ontsnappen, maar waar warmte niet naar buiten kan, kan verse, zuurstofrijke lucht niet naar binnen.
Een raam open zetten is vaak wel een mogelijkheid, maar lang niet altijd gewenst. Open ramen hebben namelijk ook nadelen. En wat nu als het gaat om een grote fabriekshal, waar veel machines staan te draaien. Of een school met lokalen met daarin zo’n twintig leerlingen. Daar is wel wat meer nodig dan een open raam. Bovendien is het op die locaties lang niet altijd mogelijk om een raam open te zetten. Bijvoorbeeld vanwege geluidsoverlast.
En dus wordt er steeds vaker gebruik gemaakt van ventilatiesystemen. Die zijn er in alle mogelijke vormen. Je hebt natuurlijke ventilatie met ramen en roosters, mechanische toevoerventilatie en mechanische afvoerventilatie waarbij lucht via een ventilator en kanalen wordt aan- of afgevoerd, en balansventilatie die lucht mechanisch aan- èn afvoert en daarbij ook nog eens warmte terugwint. Keuze genoeg dus. Heel wat bedrijven houden zich bezig met ventilatie en hebben het zich als belangrijkste taak gesteld om mensen in allerlei gebouwen 24 uur per dag vrij te laten ademen.
Auteur: Christine Linneweever